Spring naar inhoud

Let op: gewijzigde bereikbaarheid

Vanwege Bevrijdingsdag zijn wij gesloten op dinsdag 5 mei. 

Voor spoedeisende reparaties kun je bellen met Boekema Vastgoed via 050-5791468.

Leefbaarheidsverhaal: woonstudenten brengen gezelligheid in de Gabriëlflat

Sinds het najaar van 2025 wonen er 4 woonstudenten in woonzorgcentrum de Gabriëlflat in Hoogkerk. Zij organiseren activiteiten voor de ouderen en zorgen voor veel gezelligheid. “Het is net alsof we er een paar kleinkinderen bij hebben”, vertelt bewoonster Anny enthousiast.

Het is een vrolijk gezicht: twee meiden van rond de 20 lopen samen met een oudere vrouw met een rollator langs de Gabriëlflat. Ze praten en lachen terwijl ze naar binnen gaan. Het zijn woonstudenten Maaike, Tamar en bewoonster Anny. “We hebben even een wandelingetje gemaakt”, vertelt Tamar als we aan tafel gaan zitten in het restaurant beneden in de flat.

Het is duidelijk dat de woonstudenten zorgen voor gezelligheid. En dat is ook precies de bedoeling. Louis Wolf, gebiedsconsulent bij Wierden en Borgen, schuift bij ons aan. Hij legt uit: “Samen met zorgorganisatie Dignis wilden we meer levendigheid in de flat. We wilden mensen samenbrengen. De woonstudenten spelen daarin een heel positieve rol.” Anny is het met hem eens. “Ik vind het heel gezellig als ik ze tegenkom op de gang. Ze maken altijd een praatje.”

Nieuwe dingen proberen

De woonstudenten huren een kamer via Connect Generations. In ruil voor een lage huur organiseren zij 20 uur per maand activiteiten voor de bewoners. Hiervoor mogen ze buurtbudget gebruiken. Elke maandag organiseren ze bijvoorbeeld een zang- of spelletjesavond. En op woensdag is er een beweegochtend. Ook organiseren ze losse activiteiten, zoals een filmmiddag of een schilderles.

“Ik doe allemaal dingen die ik nog nooit heb gedaan”, zegt een andere bewoonster, Ans. Zij zit ook bij ons aan tafel. Trots laat ze een schilderij zien met rode, gele, blauwe en witte vlakken. “Kijk eens wat ik heb gemaakt. En ik had hiervoor nog nooit een kwast vastgehouden!” Tamar glimlacht. “Ik vind het mooi dat wij bewoners op hun leeftijd nog nieuwe dingen kunnen laten proberen.”

Alle tafels en stoelen bezet

We staan op en lopen naar de hal. Tamar wijst de ruimtes aan waar de activiteiten zijn. Zij en Maaike merken dat er steeds meer mensen meedoen. “Een keer hadden we zelfs geen tafels en stoelen meer over”, lacht Maaike. Toch zijn er ook bewoners die nooit komen. Louis hoopt dat de studenten ook met hen in contact komen. “Misschien voelen ze zich eenzaam.” Tamar begrijpt dat. “Maar als mensen echt niet willen, is dat natuurlijk ook goed. En je mag er ook gewoon gezellig bij zitten. Meedoen hoeft niet.”

Leerzaam voor de studenten

Ook voor de studenten zelf is het een waardevolle ervaring. Maaike studeert bijvoorbeeld voor docent muziek. Tijdens de muziekavonden oefent ze veel met voor een groep staan. “Ik krijg steeds meer zelfvertrouwen.” Tamar ziet dat ook: “Je doet het steeds soepeler.” Zelf haalt ze vooral veel uit het samenwerken met de andere studenten. “We organiseren en overleggen veel samen. Dat is heel leerzaam.”

Hechte vriendengroep

We lopen verder naar het appartement van Maaike. Zij deelt de woning met woonstudent Chaya. Ze hebben een gezamenlijke keuken en badkamer en ieder een eigen kamer. “We komen vaak bij elkaar langs”, vertelt Maaike. “Om te overleggen over de activiteiten, maar ook voor de gezelligheid. Het voelt alsof we elkaar al heel lang kennen.” Ans vindt het mooi om te zien hoe hecht de studenten zijn geworden. “Ze stimuleren elkaar.”

“Ik ‘moet’ verplicht 5 uur per week aan de ouderen besteden. Maar het voelt niet als een taak. Bij elke activiteit bloei ik op.”

Extra opa’s en oma’s

Dat de ouderen en de studenten blij met elkaar zijn, is duidelijk. Terwijl we naar de uitgang lopen, zegt Tamar: “Ik ‘moet’ verplicht 5 uur per week aan de ouderen besteden. Maar het voelt niet als een taak. Bij elke activiteit bloei ik op.” Maaike denkt terug aan begin januari. Toen lag er sneeuw en konden ze het gebouw niet uit. “We hebben toen de hele middag samen met de bewoners in het restaurant gezeten. Dat was zo gezellig. Anders had ik in mijn eentje op mijn kamer gezeten.” 

Ook voor Anny en Ans voelt het vertrouwd. “Het is net alsof het je eigen kleinkinderen zijn”, zegt Anny. Tamar en Maaike lachen. “En voor ons is het net alsof we er extra opa’s en oma’s bij hebben!”